|
Digitale fototoestellen hebben een beperkte dynamiek: bij fel licht is het beeld gemakkelijk overbelicht. Daarbij komt nog dat de sensoren extreem gevoelig zijn voor infra-rood licht waardoor er Infra-rood verblinding bij digitale fototoestellen kan optreden. Zelfs al lijkt het beeld correct belicht, toch gaan subtiele details verloren, in het bijzonder het relief van de borstkas. Dit is heel goed merkbaar op de foto hieronder rechts. Dit vervelend effekt mag je niet vergelijken met high key fotografie waarbij het beeld bewust overbelicht wordt om speciale effekten te bekomen (maar waarbij het onderwerp zelf correct belicht wordt).
In dit voorbeeld is de infrarood verblinding sterk aanwezig omdat de huid de infra-rode straling reflekteert. Als je ooit met infrarood fotografie gewerkt hebt (met een aangepaste fototoestel zonder “hot mirror”), dan zal je het gemerkt hebben: de mensen zien er letterlijk lijkbleek uit. Het zijn spoken. En hetzelfde spookeffekt treed ook op bij portretfotografie (in mindere of meerdere mate). Spiegelreflextoestellen hebben meer last van dit fenomeen want ze gebruiken een aparte lichtmeting (gescheiden van de beeldsensor). De lichtmeter heeft dezelfde gevoeligheidscurve als onze ogen (piek bij groen licht). Een overmaat aan infra-rood wordt niet door de lichtmeter gedetecteerd. Zelfs met de laatste versie van Photoshop Creative Suite kan je overbelichte foto's niet corrigeren. Je moet manueel te werk gaan. |
Zwart-wit en kleurfilters
Opgelet: een overbelichte foto is moeilijk te corrigeren: de beeldinformatie in de heldere delen is gewoon verdwenen (door overbelasting van de sensor of overflow bij de omzetting naar digitaal). De enige manier om het beeld te herstellen is helderheidsinformatie te gaan halen in de kanalen die niet overstuurd zijn. Als er risico is dat het beeld overstuurd kan zijn, gebruik dan een lagere belichtingswaarde, bijvoorbeeld -0.6 EV. Typische rampscenario's zijn:
|
Kleurkanalen
| Dit effect van kleurfilters kan je heel goed in Photoshop bekomen: kies "weergave" "tonen kanalen". Hieruit kies je het gewenste kanaal. Stel Photoshop zodanig in dat het kanaal in grijswaarden weergegeven wordt. | ||
![]() Rode filter (kanaal) | ![]() Groene filter (kanaal) | ![]() Blauwe filter (kanaal) |
|---|---|---|
|
Als zwart/wit foto is het groene kanaal beter dan de gewone zwart/wit foto. Het relief van de borstkas komt beter naar voren, zonder het overdreven effect van de blauwe filter (bij landschapsfotografie geeft het rode filter eveneens een overdreven effect ten overstaan van het gele filter).
Nu willen we deze kleurinformatie gebruiken als helderheidsinformatie. Dit kan heel eenvoudig door het gewenste kanaal te selecteren en te copieren naar het klembord. Ga nu over naar Lab-weergave ("beeld" "modus") en kies het helderheidskanaal. Plak het beeld van het klembord en keer terug naar RGB-weergave. Het resultaat dat je bekom is hieronder te zien. | ||
![]() Rood als helderheid | ![]() Groen als helderheid | ![]() Blauw als helderheid |
|
Je kan de mate van dekking van de helderheidsinformatie instellen, en dus de hoeveelheid effect instellen. In het voorbeeld is de dekking op 100% ingesteld om het effect beter te laten uitkomen. Je kan ook de foto verbeteren door de niveau's in te stellen (het beeld donkerder te maken). De foto ziet er natuurlijker uit, maar bepaalde nuances zijn nog steeds niet merkbaar. Je bekomt het beste resultaat door beide effekten toe te passen: de kleurinformatie als helderheidsinformatie gebruiken, en dan nadien de onnatuurlijke kleuren bijwerken door selectief met niveau's te werken. Het bijwerken van één enkele foto kan gemakkelijk een uur in beslag nemen. | ||
![]() De originele foto in kleur | ![]() De foto met gecorrigeerde niveau's | ![]() Soms is de enige mogelijkheid om een foto te redden selective color toe te passen |
“Expose for highlights, process for shadows”Hier zijn de compacte fototoestellen in het voordeel ten opzichte van de spiegelreflexen. Compact fototoestellen gebruiken eenzelfde sensor voor het bepalen van de focus en belichting èn voor het maken van de foto. De software kan dus de overmaat aan infra-rood detecteren en het beeld corrigeren. Spiegelreflextoestellen gebruiken onafhankelijke sensoren voor de foto (beeldsensor) en voor de meting (secondary image registration). De meetsensoren zijn monochrome sensoren die minder last hebben van infra-rood verblinding (de meetsensoren meten vooral het groen component omdat onze ogen daar het meest gevoelig voor zijn). Een overmaat aan infra-rood wordt niet gedetecteerd, waardoor het beeld overbelicht wordt. De nieuwe Canon 7D gebruikt kleurgevoelige helderheidssensoren die de kleuren kunnen differentiëren en een fotografische ramp kunnen vermijden. | ![]() Geen correctie nodig voor een goede foto! | |










