|
Je beleeft meer aan het inscannen en opnieuw tot leven roepen van oude negatieven uit je jeugd, dan aan het maken van foto's! Dit kan ik je in ieder geval verzekeren!
Dit is de algemene pagina over het inscannen van positieve beelden (dia's en foto's) en de meest voorkomende filmformaten. |
Inscannen van zwart/wit negatieven
Zwart/wit negatieven (ook "reversal film" genoemd) kunnen met scanner of fototoestel en aangepaste houder ingescand worden (zie inscannen van dia's). Na het inscannen moet je in photoshop de helderheid omkeren (control-i). Sommige fototoestellen laten toe in zwart/wit te fotograferen, en sommigen hebben zelfs een speciale funktie voor het fotograferen van negatieven (z/w omkering). |
Inscannen van kleurnegatieven
Scannen van kleurnegatieven gebeurt best met een echte fotoscanner (filmscanner)! Fotograferen van de filmstrook is mogelijk maar alle kleurschakeringen zijn in een heel beperkt gebied geconcentreerd en je fototoestel, met zijn beperkte 8 bits-kanaal, kan deze gecomprimeerde kleurschakeringen niet opnemen. Als je de foto inverteert zal je merken dat alle kleurinformatie verstopt zit in een blauwe zweem. Probeer je de kleuren "uit te strekken" (shift-control-L in photoshop), dan bekom je soms vreselijke effekten (banding), vooral als de negatief onderbelicht was. Enkel een scanner die met 16 of 20 bits per kanaal werkt kan de nuances detecteren. De RAW modus van je fototoestel is een tweede mogelijkheid.
Ingescand met een eenvoudige scanner, de Reflecta x2-scan. Hier merk je dat een echte scanner (zelfs een goedkoop exemplaar) de beste resultaten geven.
Waarom de negatieffilms orange zijn is technisch en historisch: de orange mask wordt gebruikt om op een zo eenvoudige (lees: goedkope) manier foto's te kunnen afdrukken. Deze kleur compenseert de kleurzweem die zou ontstaan zou je een foto gewoon belichten, want de pigmenten die in de negatiefstrook gebruikt worden zijn niet optimaal. Om verwarring te voorkomen hebben diapositieffilm en negatieffilm een aparte benaming: Kodacolor (of Fujicolor) voor negatieven en Kodachrome voor dia. De foto's hiernaast werden genomen met een instamatic met het vierkantig 126 filmformaat in cartridge (wie heeft nog de befaamde "flashcubes" gekend?). Het fototoestel had een fixfocus-instelling en daarom zijn de bloemen op de zetel eigenlijk scherper dan mijn gezicht! Het 126-formaat (Instamatic) gebruikte dezelfde film als het 135-formaat, maar de foto's zelf waren vierkantig en de film had één perforatie per foto. Alles werd in het werk gesteld om de toestellen zo goedkoop mogelijk te produceren: de perforatie dat als index diende, geen fototeller op het toestel, geen scherpstelling, geen belichtingsmeter, geen hendel om de film terug te spoelen. De Instamatic-fototoestellen werden zo goedkoop mogelijk verkocht om mensen aan te zetten foto's te nemen. Het succes van het 126-formaat in de jaren '70 is te danken aan de fototoestellen die geschonken werden bij de aankoop van bijvoorbeeld een ton waspoeder.
Het is vreemd, maar in die tijd hadden we nooit last van "rode ogen"...
Apparaten voor het scannenDigitaal fototoestelMet een beetje ervaring kunnen foto's probleemloos gedigitaliseerd worden. Voor kleurnegatieven is een fototoestel, zelfs met aangepaste houder, minder geschikt van zodra de negatieven te donker (overbelicht), maar vooral te bleek (onderbelicht) zijn. In ieder geval moet je in RAW-modus werken en de maximale kleurdiepte van je fototoestel gebruiken want alle informatie zit in de orange mask. FlatbedscannerEen flatbedscanner werkt volgens het reflektieprincipe en kan dus niet zomaar gebruikt worden voor films (dia of negatief). Om dit minpunt tegen te gaan zijn duurdere scanners uitgerust met een extra lamp om doorzichtige filmstroken te belichten. Het is een mogelijke oplossing, maar om het maximum uit een filmstrookje te halen is de optische resolutie van de flatbedscanner te laag. Scanners moeten op 16 bits kunnen werken om kleurnegatieven te kunnen scannen, want alle "kleuren" zitten in een orange brij. Filmscanner
Negatief manueel converteren naar positief° Een CCFL geeft de beste kleurweergave. Dergelijke lampen worden trouwens ook in LCD-schermen gebruikt. Tegenwoordig worden vaak witte leds gebruikt. De kleurweergave ervan is niet zo goed, maar ze hebben het grote voordeel dat ze geen opwarmtijd nodig hebben en minder verslijten (waarbij de lichtkaracteristiek verslechterd). Vroeger werd de witte kleur bekomen door drie leds in één behuizing (rood, groen en blauw), maar nu gebruikt men een ultra-violette led met een fosforlaag (zelfde effekt als een TL of CCFL), of een blauwe led en een gele fosforlaag (minder geschikt, maar vaker toegepast). |












