Fotografie

Scannen van films


Fotografie » TechTalk » Film | Digitale doka » Scannen van film

Voor het digitaliseren van film (8, 16 of 35mm) gebruikt men een nieuwe technieken. Waarschijnlijk zal deze nieuwe scanmethode ook toegepast worden bij het professioneel inscannen van diapositieven en negatieven. Zowel film (bewegende beelden) als diapositieven gebruiken namelijk dezelfde drager.

Geluid

Het geluid kan zowel optisch of magnetisch zijn.
  • Bij optisch geluid bevat een aparte spoor met variabele breedte de geluidsinformatie (spoorbreedte-modulatie). Vroeger werd ook helderheidsmodulatie gebruikt, maar deze methode kan niet gebruikt worden met kleurfilm en is ook minder aangewezen bij duplicatie. Dezelfde detector kan gebruikt worden voor spoorbreedte-modulatie of helderheidsmodulatie want het resultaat is uiteindelijk hetzelfde: een veranderlijke helderheid.
  • Bij magnetisch geluid is een extra magnetische laag op de drager aangebracht. Bij langspeelfilm wordt er vaak een balansspoor gebruikt: een tweede magnetische drager aan de andere kant die enkel dient om het wikkelen goed te laten verlopen (de magnetische drager aan een enkele kant maakt de film dikker aan die kant, waardoor de film slecht opgewikkeld wordt). Deze spoor bevat normaal geen geluid, bij 16mm kan de balansspoor in ieder geval geen geluid bevatten want het loopt tussen de sproklets.
Speelfilms hebben soms een extra perfotape: dit is een magneetband met dezelfde afmetingen van de originele film waarop enkel het geluid opgenomen wordt. Beide banden worden synchroon afgespeeld op aangepaste toestellen. Met perfotape is stereo of meerdere talen per tape mogelijk, wat niet het geval is met de geluidsspoor op de film zelf. Perfotape werd vroeger vaak gebruikt bij reportages en montagebedrijven omdat het werken met de perfotape heel gemakkelijk is, wat vooral van belang is in een tweetalig land zoals België.

Telecinema

Een vaak gebruikt systeem voor het inscannen van film is de telecinema. Dit systeem heeft als voordeel (ten opzichte van projectie en registreren met een videocamera) dat de scanner gesynchroniseerd wordt met de film. De scanner “fotografeert” als het ware iedere beeld op het ogenblikdat de film stilstaat. Bij projectie en registratie door onafhankelijke toestellen heb je helderheidsvariaties omdat beide apparaten niet synchroon lopen: soms wordt er een beeld opgenomen op het ogenblik dat de film getransporteerd wordt.

Omdat er niet geprojecteerd hoeft te worden is een kleinere lamp voldoende, wat de kans op beschadiging van oude films verminderd. Een probleem kan de telecinema echter niet vermijden: de beschadigingen van het medium zijn goed zichtbaar (de bekende "koorden" in beeld). De klassieke telecinema wordt bijna niet meer gebruikt, behalve in bedrijven die niet in nieuwere technieken geïnvesteerd hebben.

Flashscan

Bij de flashscan techniek wordt de film met een constante snelheid door het afspeelapparaat gevoerd. De sproklets (inkepingen aan de rand van de film) worden niet gebruikt voor de aandrijving. Er wordt een foto van ieder beeld gemaakt (door een speciale led lamp te doen flitsen op het ritme van de beelden). Deze led-lamp zorgt er ook voor dat de kleuren en helderheden beter weergegeven worden. Defekten aan de drager vallen met de flashscan minder op omdat er een vlakke lichtbron en geen puntbron gebruikt wordt. Dansende beelden ten gevolge van beschadigde sproklets kunnen vermeden worden.

Een andere versie gebruikt een lijnscanner die het beeld lijn per lijn opbouwt terwijl de film aan een constante snelheid door de aftasteenheid loopt. De sproklets worden hier ook niet meer gebruikt als referentie. Een speciale computer zorgt dat ieder beeld gereconstrueerd wordt aan de hand van van de lijnscan. Registratiefouten worden aldus vermeden.

Wetgate

Een bijkomend pluspunt van de wetgate-techniek is dat de kleuren en contrast van de film beter tot hun recht komen. Het is alsof een 50 jaar oude film pas enkele weken geleden gemaakt werd!

Naast de aquariumtechniek en de wetgate is het ook mogelijk gewoon de film te bevochtigen met perchlorethyleen vòòr het gescand wordt. Het produkt vult de krasjes op zodat die niet meer zichtbaar zijn. Deze douchetechniek blijkt in de praktijk minder effektief en wordt dan ook nauwelijks nog gebruikt.

Paginas die volgens Google je zouden kunnen interesseren

8, 16 en 35mm

Film wordt vaker behandeld (afgespeeld), terwijl dia's veilig opgeborgen zitten in een houder. Film is dus vaak beschadigd als het gedigitaliseerd moet worden. Er zijn echter technieken die de krasjes en andere beschadigingen nagenoeg onzichtbaar kunnen maken. Een digitale nabewerking is in de meeste gevallen zelfs niet meer nodig.

Uitleg bij afbeelding
wetgate techniek

Door de film tijdens het scannen in een bad gevuld met een speciale vloeistof te dompelen worden de beschadigingen nagenoeg onzichtbaar. Enkel de beschadigingen aan de emulsie zelf zijn nog te zien. Het vloeistof moet hetzelfde brekingsindex hebben als de filmdrager. In principe kan enkel perchlorethyleen daarvoor gebruikt worden.

Afbeelding 1 De krassen op de oppervlakte van de film buigen het licht af, waardoor er minder en meer belichte plaatsen zijn. De krassen die je met het blote oog nauwelijks zou zien worden goed zichtbaar bij het scannen.

Afbeelding 2 De film is ondergedompeld in perchlorethyleen. De lichtstralen worden niet afgebogen en de helderheid blijft constant. De beschadigingen zijn niet meer zichtbaar.

Afbeelding 3 (aquariumtechniek) De wetgate techniek bij het dupliceren van film: de originele en de te maken kopie worden in het bad gevoerd (aquariumtechniek) en belicht. Nagenoeg de volledige installatie voor filmtransport zit in het aquarium.

Afbeelding 4 (wetgate) De wetgate techniek bij het scannen: de film passeert een speciale houder gevuld met perchlorethyleen. De houder heet gate, vandaar de benaming "wetgate". De film die door de wetgate gaat heeft de neiging luchtbelletjes aan te voeren: een sterke vloeistofcirculatie in tegenrichting moet deze belletjes tegenhouden.

Perchlorethyleen is een giftige stof (het zou kanker kunnen veroorzaken) en de installaties moeten over een afzuigsysteem beschikken (vooral bij de aquariumtechniek komen er veel dampen vrij). Maar er bestaan op dit ogenblik geen betere alternatieven.