|
Bij een fototoestel wordt er vaak een extra UV-filter verkocht, terwijl die totaal geen nut heeft.
|
UV-filters
|
filters? Oh, ja, UV-filters. Dergelijke filters halen het UV-component uit het aanwezige licht. Nu is het wel zo dat we in België weinig last hebben van UV-straling, je kan dagen op het strand liggen en nauwelijks een bruine teint krijgen. Van de kleine hoeveelheid aanwezige UV-straling wordt nagenoeg alles door de lenzen zelf tegengehouden. Enkel het gebied tussen blauw licht en UV-A (golflengte tussen 400 en 350 nm) wordt heel miniem doorgelaten. Hoog in de bergen kan het nuttig zijn een UV-filter te gebruiken. Aan zee heb je meer last van reflekties op het zand en het water (en hier biedt een polarisatiefilter soelaas). Volgens verkopers zou je altijd een UV-filter op je lens moeten hebben want het maakt de beelden zuiverder (vertaald: de winstmarge op UV-filters is heelwat hoger dan op de fototoestellen zelf).
We hebben weinig last van UV-straling in België. De kinderen met Xeroderma pigmentosum (de "kinderen van de maan" omdat ze enkel 's nachts buiten mogen) zullen mij hier wel tegenspreken, maar ze krijgen al huiduitslag als ze een onbeschermde halogeenlamp gebruiken (een halogeenlamp met enkel de kleine kwarts lamp, van zodra de halogeenlamp in een houder met glazen voorplaat gestoken wordt worden alle UV straling tegen gehouden). De minpunten van dergelijke filters zijn echter legio: iedere filter vervormt het beeld een beetje (hoe duurder je lens, hoe sterker de UV-filter storend werkt). Uit onderzoek is gebleken dat sommige filters totaal waardeloos zijn (en je kan het niet "zien", bij een polarisatiefilter is het effekt altijd merkbaar). Je had evengoed een stuk vensterglas kunnen gebruiken. Als je vindt dat de foto's er te blauw uitzien, dan kan je een "warming filter" gebruiken. Deze filters hebben wèl een effekt, en filteren terloops ook het UV-component, mocht je echt de noodzaak voelen alle sporen van UV-straling tegen te houden. De positieve effekten die aan UV-filters worden toegeschreven en de negatieve die je erbij moet nemen kunnen evengoed bekomen worden met photoshop. Een lijstje van de negatieve effekten (ik ga het maar in het vet zetten):
Zoals je kan zien op de laatste foto: een UV-filter heeft weinig effekt. In het ergste geval kan het de kleurbalans van je fototoestel in de war sturen. Als je de eerste en laatste foto vergelijkt (zonder en met), dan is de foto zonder filter heelwat beter. Wat soms wèl nuttig kan zijn is een extra infra-rood filter (d'er zit er al een in het toestel zelf, maar soms schiet ie tekort). Een extra infra-rood filter (dat soms zeer nuttig kan zijn) is echter nergens te krijgen...
De tweede foto toont ons het frekwentieverloop van de ingebouwde bandpass filter. De UV-straling wordt tegen gehouden (terwijl dit niet strikt noodzakelijk is) maar een klein deel infra-rode straling kan door de filter. De uiteindelijke spectrale gevoeligheid is het produkt van de filterdoorlaatcurve en de sensorgevoeligheid. Laten we toch eerlijk zijn: ik heb één nuttige toepassing gevonden van de UV-filter: het verminderen van “purple fringing” of kleurfouten. Deze fouten worden veroorzaakt door het verschillend brekingsindex van glas voor de verschillende kleuren. Een UV-filter vermindert het paars component, de fout wordt dus minder zichtbaar. Je zal heelwat moeten experimenteren, want niet alle filters verminderen het paars component: probeer ook een haze-filter en een warming filter. Met een goede optiek heb je geen last van chromatische aberraties: de UV-filter is dus een noodoplossing. |



