Gebruik van een flitser outdoor


Fotografie » TechTalk » Flitsers » Flitsen outdoor

Op deze pagina staan een paar vergelijkingsfoto's met en zonder flitser. In de voorbeelden wordt er gewerkt met een manuele flitser en een lichtmeter voor het bepalen van de belichting. Het fototoestel staat in manuele stand, sluitertijd 1/250 (het maximum dat mogelijk is met een manuele flitser). Waarom je een sluitertijd van 1/125 (of 1/250) bij het flitsen moet gebruiken lees je hier.

Naargelang de omstandigheden zal je de opening min of meer moeten verkleinen aangezien je de sluitertijd niet onbeperkt kan verkleinen. Bij enorm veel zonlicht (zoals hier het geval) is de bijdrage van de flitser, zelfs op maximaal vermogen, beperkt.

De achtergrond wordt wat donkerder omdat de flitser ook bijdraagt tot de belichting en het fototoestel het extra licht compenseert. In het egval van portretfotografie is dit ideaal omdat het het fotomodel meestal beter laat uitkomen.

Zonder flits zijn de ogen niet belicht (technische fout), met een te sterke flits (vol vermogen) is het beeld egaal en weinig interessant (artistieke fout). Schaduwen, die een gevolg van het relief zijn (modelé), verminderen of verdwijnen. Een foto met een flitser is weinig aantrekkelijk als de flitser te krachtig werkt. Liefst wat minder dan teveel, je kan nadien altijd in photoshop delen van het gezicht heel miniem helderder maken.

In de praktijk zal je een instelling van je flitser kiezen waarbij er juist genoeg geflitst wordt (resultaat tussen beide foto's). Op deze pagina staan de extreme voorbeelden. Als je met een TTL-flitser werkt, dan zal je je fototoestel op de M-stand zetten en 25 à 50% van het licht door de flitser laten leveren (foto 1/2 à 1 stop onderbelichten, de complete uitleg oven de instellingen bij TTL flitsers staat hier).

Bij deze foto's is het gebruik van een flitser niet storend, maar bij het fotograferen van borstspieren gebruik je beter een reflektor dan een flitser (indirect flitsen). Een flitser onderdrukt het modelé van de borstkas. Een reflektor, vooral als die naast het model geplaatst wordt, geeft extra volume aan de borstspieren (hoek van ongeveer 60 links of rechts van het model).

Voor deze fotoreeks heb ik een kleine externe flitser gebruikt (richtgetal: 20). Deze waarde is ideaal om te kunnen opboksen tegen het sterke zonlicht. De foto's werden iedere keer genomen met het fototoestel in "motor drive"-instelling (meerdere foto's snel achter elkaar). De flitser stond op maximaal vermogen, waardoor bij de tweede foto er geen energie meer aanwezig was in de flitselko [wat de bedoeling was!]. Je ziet dus iedere keer een foto waarbij de flitser wel gewerkt heeft en niet gewerkt heeft.

Met flitser
Zonder flitser

Witte kleren

Witte kleren zijn opnieuw in de mode, maar zijn zeer moeilijk te fotograferen. Een digitaal fototoestel heeft een beperkte belichtingslatitude: de foto is zeer snel overbelicht. Omdat de witte kleren heel dicht bij de bovengrens van het bereik van het toestel zitten verlies je vorm, structuur en relief. Het fototoestel instellen doe je met een spotmeting op het gezicht, maar dan loop je de kans dat de kleren overbelicht worden.

De belichting werd op -2/3 EV ingesteld (twee derden van een stop dichtdraaien) om het extra licht van de flitser te compenseren.

Rayleigh effekt:
Problemen met foto's
in de schaduw

Bij foto's in zonlicht heb je bijna uitsluitend het direkt licht van de zon, dat alle kleuren bevat.

Als je een foto in de schaduw neemt, dan wordt het model bijna uitsluitend verlicht door de blauwe hemel, waardoor het model een grauwe teint krijgt (blauwzweem).

Hoe je dit kan oplossen? Opnieuw door te flitsen! Flitslicht bevat alle kleuren en geeft het model een normale teint.

Rayleigh verstrooing (Rayleigh scattering)
Als de zon onder gaat wordt meer en meer licht door de luchtlagen tegengehouden (gedisperseerd). Vooral de blauwe kleuren worden tegengehouden, waardoor de zon meer en meer goud kleurt. De tegengehouden lichtstralen gaan niet verloren, zij vormen namelijk de blauwe lucht.

In de vroege namiddag bij felle zon ben je bijna verplicht om foto's in de schaduw te nemen: Een nadeel is wel dat je het moet stellen zonder de mooie warme gloed van de zon. Direkt verliest de foto aan aantrekkingskracht. Ik zou niet in een land zonder zon willen leven...

Als je niet wilt flitsen, gebruik dan de instelling "betrokken hemel" (of 7500K) in plaats van "automatische kleurbalans" om een correcte kleurweergeve te bekomen.

Andere oplossingen
Een andere oplossing om de blauwzweem van foto's in de schaduw of bij betrokken hemel te verminderen is het gebruik van een Skylight-filter. In het algemeen is het resultaat met een flitser veel beter: een filter houdt een deel van het licht tegen (en kan zelfs de automatische kleurbalans van je fototoestel volledig in de war sturen), terwijl de flitser juist licht toevoegt op plaatsen waar het nodig is (bijvoorbeeld onder de ogen).

Een andere mogelijkheid is een reflektor te gebruiken. Daarmee haal je wat zonlicht naar het model toe, maar daarvoor heb je een assistent nodig.

Outdoor portretfotografie

Zonder flitser Met flitser
Nog een voorbeeld van het gebruik van flitslicht bij outdoor fotografie.

Bij de foto zonder flitser hebben we een gewone vakantiefoto met overdreven contrast door het sterke zonlicht. Om een correcte belichting te bekomen (spotmeting op het gezicht) is de omgeving vaak overbelicht.

Bij de foto met flitser zijn de vervelende schaduwen verdwenen. De kleuren in de schaduw zijn meer correct (let op de kleur van de handen!).

Flitsen of niet: het verschil tussen beroeps en amateur!

Paginas die volgens Google je zouden kunnen interesseren