Cropfactor


Fotografie » TechTalk » Fysica » Cropfaktor

Andere items:

Zogenaamde full size toestellen (verkeerdelijk FF of Full Frame genoemd) hebben een sensor dat evengroot is als de oppervlakte van een traditionele film (24×36mm). Bij de meeste digitale reflextoestellen is de sensor echter kleiner: Nikon gebruikt een cropfaktor van 1.5 en Canon een cropfaktor van 1.6 (en ook 1.3 op zijn toestellen voor professionele sportfotografie). De groep van de Four Thirds met als lijsttrekker Olympus gebruikt uitsluitend sensors met een cropfaktor van van 2.

Bij digitale fototoestellen met een CS (cropsensor) wordt vaak verwezen naar het APS-formaat, terwijl dit formaat eigenlijk een cropfaktor van 1.43 heeft (APS-C of "klassiek", het echte APS-formaat was breedbeeldig (16:9 beeldverhouding) en dus niet vergelijkbaar met film (3:2-verhouding)).

De inchmaten (1/3", 1/2", 2/3",...) zijn geen echte inchmaten, maar is een maatstaf die zijn oorsprong vindt in de opnamebuizen van de televisie (meer informatie op de pagina over sensoren). De effektieve sensordiagonaal is ongeveer 35% kleiner dan de inchmaat.

Wat zijn de gevolgen van een dergelijke cropfaktor?

Prosumer-toestellen zoals de de Sony DSC-F828 gebruiken kleine sensoren (4 X kleiner dan bij full size). De effekten zijn merkbaar, maar nog niet zo uitgesproken als bij de superkleine sensoren die toegepast worden bij GSM-toestellen en supercompact fototoestellen.


Voordelen van een full frame sensor
Eigenlijk heeft een full size sensor tegenwoordig niet zoveel voordelen meer ten opzichte van een cropsensor. De technologische vooruitgang (miniaturisatie) bij ieder merk zorgt ervoor dat je dezelfde goede eigenschappen kan bekomen met een sensor die maar half zo groot is. Eén pluspunt is dan ook historisch van aard: de sensor heeft dezelfde afmetingen als de gevoelige oppervlakte van een normale film, waardoor je als fotograaf direkt kan weten welk beeld je bekomt met een bepaalde lens. De beste lenzen (Bij Canon, de L-types) zijn ook berekend op dit formaat.

Met een full size sensor komen de (breedhoek-)eigenschappen van een lens beter tot hun recht. Een Canon 24mm-lens op een full frame is een breedhoeklens. Op een cropsensor is de bekomen uitsnede die van een normaallens.

Toestellen met cropsensor gooien de helft van het beschikbaar licht weg. Lenzen die niet specifiek gemaakt zijn voor een cropsensor belichten een te grote oppervlakte, de helft van het licht valt buiten de sensor. Dit is van toepassing voor alle lenzen die niet specifiek gemaakt zijn voor het cropformaat.


Nadelen van een full frame sensor
(en dus voordelen van een toestel met APS-sensor)
Bij cropsensoren is het grootste voordeel dat de lenzen kleiner kunnen zijn. Olympus en Nikon maken volop gebruik van deze mogelijkheid, maar bij Canon is het gros van de lenzen aangepast aan de full size sensoren. Een 200mm telelens van Olympus is half zo lang als een 200mm telelens van Canon. Canon is ook het merk dat de meeste fototoestellen met full size sensoren produceert (voor de professionele markt), een overzicht per merk is hier te vinden.

Bij kleine sensoren, zoals gebruikt in compact-toestellen is de beeldkwaliteit algemeen minder; dit wordt gedeeltelijk veroorzaakt door de kleinere sensor (meer ruis), maar ook door de minderwaardige optiek: een kleine sensor (pixels heel dicht bij elkaar) vraagt een extreem hoge optische resolutie. Bij superkleine sensoren zit men aan de limieten van het mogelijke.

Merkbare beeldonscherpte ten gevolge van diffractie ontstaat reeds bij ƒ/8 (kleine sensoren) en vanaf ƒ/4 bij superkleine sensoren, terwijl hetzelfde effekt pas bij ƒ/22 begint op te treden bij full size.

Full size sensor: 24 * 36 mm
1.43X crop faktor van de APS-C
1.5X crop factor: Nikon
1.6X crop factor: Canon
2X crop factor: Four Thirds (4/3)
4X cropfaktor: Prosumer (2/3")
8X cropfaktor: Consumer (1/3")

Schijnbare beeldvergroting

Full size... of full frame?

Paginas die volgens Google je zouden kunnen interesseren