Diverse vervormingen
veroorzaakt door het fototoestel
Beeldfouten
|
Deze pagina bevat een volledige lijst van de optische fouten kunnen optreden. Het kan nuttig zijn eerst de theorie van de lenzen te lezen.
|
Bewegingsonscherpte
|
Een speciale vorm van onscherpte is zichtbaar als de gekozen sluitertijd te laag is. Zichtbaar effekt: het lijkt alsof het beeld niet echt scherp is (zowel voor objecten dichtbij als veraf), soms heb je meer onscherpte in één richting Fout verminderen: voldoende snelle sluiterijd gebruiken, liefst tweemaal de brandpuntsafstand (omgezet naar film-equivalent), statief gebruiken, bij sportopnames “meetrekken” (de sporter volgen in zijn bewegingen). Tegenwoordig heb je soms rare fenomenen op foto's (iets wat je vroeger nooit had): alles is scherp, behalve de mensen. Het fototoestel is uitgerust met een beeldstabilisator die zijn werk goed gedaan heeft. Maar de mensen zijn blijven bewegen, en daarom zijn ze onscherp. Het is bijna alsof je een foto op statief met een lange sluiterijd zou nemen. |
