|
Inleiding: lens theorie, dan volgt de evolutie van de lensconstructie met als laatste de retrofocus en telephoto. We eindigen met de telecentrische lenzen.
|
Als conclusie: telecentrische lenzen
Voordelen van de telecentrische constructie:
Het is natuurlijk zo dat de optiek enkel telecentrische eigenschappen moet vertonen aan sensorkant. Telecentriciteit wordt bereikt door een telephoto constructie aan sensorkant (je kan het goed zien op de afbeelding rechts). Optieken met telecentrische eigenschappen aan objectkant worden toegepast bij camera's die gebruikt worden bij produktieprocessen. Een object dat op een transportband beweegt ziet er altijd evengroot uit, ongeacht of het object dichter of verder van de camera is gelegen. Er is een hele weg afgelegd van de enkelvoudige meniscus lens van begin vorige eeuw tot de ingewikkelde lensconstrukties die tegenwoordig toegepast worden. Als je verder de lenzen van fabrikanten analyseert, dan zal je merken dat ieder fabrikant zijn eigen recept toepast: het is bijvoorbeeld mogelijk lenzen uit een dubbele gauss systeem met elkaar te combineren (met een zeer lichte kwaliteitsvermindering tot gevolg), maar de hele lensconstruktie is zodanig geoptimaliseerd dat de fouten elkaar opheffen. De formules voor het berekenen van de brandpuntafstand zijn al lang niet meer van toepassing bij dergelijke complexe construkties. Het doorrekenen van een optiek (raytracing) duurt dagen op een supercomputer: iedere individuele lens heeft vijf "vrijheidsgraden": positie, kromming van de voorzijde en achterzijde, dikte en brekingsindex van het glas. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ieder fabrikant gaat kijken bij de concurrent bij het lanceren van een nieuwe lens. Daarom hebben Canon en Nikon allebei een kitlens 18-55mm en een top level 70-200mm-lens. Wie van wie afgekeken heeft weet ik niet. |

