De codes op de lenzen


Fotografie » TechTalk » Lenzen » kodes op de lens » Nikon

Alle lenzen gebruiken ongeveer dezelfde kodes op de lens: minstens een brandpuntafstand in mm en een maximale lensopening (de ƒ-waarde). Het is belangrijk te weten wat de andere kodes willen zeggen.

Nikkor
Dit is de merknaam van alle Nikon lenzen, deze naam heeft technisch geen betekenis. Er zijn lenzen gemaakt zonder deze benaming (de goedkopere "E"-reeks).

AF-S
Standaard-benaming van alle lenzen met autofocus (AF). De scherpstelling gebeurt met een "silent wave motor" (vandaar de -S), te vergelijken met USM bij Canon en HSM bij Sigma.

In tegenstelling met andere merken zijn nagenoeg alle moderne lenzen van Nikon uitgerust met een silent wave motor. Naast de snellere en nauwkeurige scherpstelling kan je met dit systeem achteraf de scherpstelling met de hand bijstellen (single shot AF).

Micro
Aanduiding dat de lens voor macrofotografie geschikt is. Een echte macro-lens heeft een vergrotingsfaktor van 1:1 (het object tekent zich even groot af op de sensor), maar er zijn lenzen die deze aanduiding krijgen, als zijn ze technisch gezien geen echte macro-lens. Echte macro-lenzen hebben meestal een vaste brandpunt (geen zoom).

De vergrotingsfaktor hangt af van de afstand tussen lens en onderwerp. Op de afstandsindicator staat er daarom een extra aanduiding (in het orange). Op 286mmm is de vergroting 1×.

18-55 en 85 (brandpuntsafstand)
Een prime lens heeft een vaste brandpuntsafstand (altijd dezelfde uitsnede). Bij een zoomlens worden er twee waarden vermeld, bijvoorbeeld 18-55.

Een waarde van 85 mm is een kleine tele. Een breedhoeklens heeft een waarde van minder dan 50mm.

Nikon gebruikt op de meeste van zijn toestellen sensoren die kleiner zijn dan het kleinbeeldstandaard (de sensor is 1.5× kleiner dan een kleinbeeldnegatief). Het gevolg is dat de lens met brandpuntsafstand van 85mm dezelfde uitsnede geeft als een lens van 128mm: door het croppen van de buitenste delen van het beeld lijkt het alsof er ingezoomd werd.

1:3.5-5.6 en 1:3.5 diafragma-waarde
Als we stellen dat een lens van ƒ/1 100% licht doorlaat, dan laat een lens van 1:3.5 zo'n 8% licht door. Men gebruikt vaker de aanduiding ƒ/3.5.

Bij zoomlenzen kunnen er twee waarden aangegeven worden (3.5-5.6); dan is de eerste waarde gemeten in wide-stand, de tweede in tele-stand. Deze lenzen zijn minder lichtsterk in tele-stand, daar waar een hogere lichtsterkte juist heel nuttig is om bewegingsonscherpte te vermijden. Lenzen die "constant aperture" zijn hebben dezelfde maximale diafragma-waarde ongeacht de zoompositie.

Ter informatie: een lens die als "lichtsterk" aangegeven wordt heeft een opening van ƒ/2.8. Deze waarde hangt af van het type lens: een f-waarde van 2.8 is normaal op een prime van 50mm (standaard lens), maar een heel goede waarde op een tele-lens van 200mm. Zoomlenzen zijn in het algemeen minder lichtsterk dan primes.

G
Lens waarvan het diafragma electronisch gestuurd wordt. Deze lenzen hebben doorgaans geen diafragma-ring meer: enkel de body stuurt de opening. Dit systeem wordt door de andere fabrikanten al langer toegepast.

Een voordeel van de lenzen met een echte diafragma-ring, is dat deze lenzen op andere bodies gebruikt kunnen worden (bijvoorbeeld Canon).

ED (kwaliteitslabel)
Extra Low Dispersion Glass: deze lenzen geven minder chromatische vervormingen. Dergelijke fouten vallen het meest op bij lenzen die zeer scherpe beelden geven.

DX (sensorformaat)
Deze indikatie geeft aan dat de lens ontworpen is voor een body met kleinere sensor. Canon gebruikt de afkorting EF-S, maar bij Nikon kunnen de lenzen wel op een body met full size sensor gebruikt worden, waarbij de body automatisch het beeld zal uitsnijden.

De indicatie voor lenzen die ontworpen zijn voor full frame sensoren is FX, maar die afkorting wordt niet opgenomen in de kodes op de lens (vroeger, voor de komst van de digitale fotografie, waren alle lenzen FX)

VR (Vibration Reduction)
De beeldstabilisator laat toe een langere sluitertijd te gebruiken zonder dat je bewegingsonscherpte van de camera hebt. Andere fabrikanten zoals Sony en Olympus passen stabilisatie in de body toe, waardoor alle lenzen automatisch gestabiliseerd zijn.

D (oudere lenzen, afkorting van "Distance" — afstand)
Deze lens geeft de afstand tot het onderwerp door aan de body. Nu doen alle lenzen dit en wordt deze afkorting niet meer gebruikt (alle "G" lenzen zijn "D"). De bedoeling is een betere controle van de belichting te bekomen als er geflitst wordt.

In de body geeft de AF sensor enkel aan dat het onderwerp dichterbij of verder staat, maar werkt niet met absolute afstanden. Enkel de lens weet de absolute afstand waarop er scherpgesteld wordt

N Nano Crystal Coating
Lenscoating van de laatste generatie. De coating zorgt dat er minder reflekties zijn, en verbetert daardoor ook het lichtrendement van de lens: immers, licht dat gereflecteerd wordt bereikt niet meer de sensor. Reflekties veroorzaken flares en een algemene vermindering van het contrast: het is dus heel goed dat lenzen uitgerust zijn met een coating.

De originele coating (bestaande uit één of meerdere extreem dunne lagen) werkt maar goed bij één bepaalde lichtfrekwentie. De nano-coating heeft een geleidelijke werking en kan reflekties van alle frekwenties (kleuren) onderdrukken.

DC Defocus Control
Instelling bij een beperkt aantal lenzen waarbij men de "schoonheid" van de onscherpte achtergrond of voorgrond kan bijstellen. Praktisch speelt men met de sfericiteit van de optiek. De defocus control heeft geen invloed op de scherpe delen van het beeld noch op de scherptediepte.

CRC Close Range Correction
Bepaalde lenzen zijn extra gecompenseerd voor dichtbij onderwerpen. Daarvoor beschikken deze lenzen over een extra focus groep. De bedoeling is de beeldverwelving tegen te werken, zodat de hoeken en het midden van het beeld altijd even scherp zijn, ongeacht de afstand tot het onderwerp. Meer uitleg: Floating Focus lensgroep.

PC Perspective Control
Dit zijn lenzen waarvan de lenseenheid kan schuiven ten opzichte van de body. Deze lenzen worden gebruikt om vervormingen tegen te gaan bij landschapsfotografie. Het is dan ook mogelijk om zowel de onderkant als de bovenkant van een gebouw scherp te hebben, als staat de bovenkant op een groter afstand van het fototoestel.
Nikon bodies kunnen uitgerust worden met lenzen van bijvoorbeeld Sigma. Dan mag je nieuwe kodes leren!

Nikon kodes

Als voorbeeld gebruik ik de Nikko AF-S 18-55 1:3.5-5.6 G DX en de Nikkor AF-S Micro 85 1:3.5 G ED DX. De eerste lens is een kitlens (vaak verkocht samen met een body) en de tweede is een prime lens (zonder zoom).

Alle Nikon lenzen voor spiegelreflexen (kleinbeeld, niet APS) kunnen op een moderne body gebruikt worden, zij het met een zeer beperkte functionaliteit.

Paginas die volgens Google je zouden kunnen interesseren