|
Het Micro Four Thirds zou de voordelen van de reflex (verwisselbare lenzen) moeten combineren met het gebruiksgemak en vooral de kleine afmetingen van een compact fototoestel. Er is tegenwoordig een volledig nieuwe reeks toestellen op de markt gebracht (al dan niet gebaseerd op het micro-four thirds formaat). De "bridge" toestellen zijn de hot item van 2010.
|
Eigenschappen
Nu dat het Four Thirds systeem van vooral Olympus eindelijk begint door te breken wordt er een nieuwe norm gelanceerd (augustus 2008). De eigenschappen van dit nieuw systeem in het kort:
Olympus gaat dus opnieuw de kant op van de kleinere toestellen. Het is echter onzeker of Olympus (die sterk geïnvesteerd heeft in de klassieke Four Thirds) volledig de overstap zal maken. Waarschijnlijk zal Panasonic (dat op dit ogenblik eigenlijk geen Four Thirds-toestellen heeft) de overstap sneller maken. Met het Micro Four Thirds systeem richt men zich tot het amateur-publiek: de echte beroepsfotografen zullen de betere beeldkwaliteit, snelle scherpstelling en optische zoeker van een echte reflex niet willen missen.
De micro-four-thirds fototoestellen worden als bridge toestellen aangeduid: ze vormen de overgang tussen de reflextoestellen en de goedkope point-and-shoot compactjes. |
Praktijk
|
Hoewel ik een voorstander ben van een open standaard zoals de (Micro) Four Thirds, ben ik wel bang dat het systeem weinig succes zal kennen. Nu is het al zo dat zelfs reflex-gebruikers weinig van lenzen veranderen (de meesten hebben zelfs geen extra lenzen). Het belangrijkste voordeel van het Micro Four Thirds systeem ten opzichte van een normale compact weegt in de praktijk niet door. Enkel de Panasonic Lumix DMC-G1 en DMC-GH1 zijn MFT-camera's (april 2009). Er zijn twee lenzen beschikbaar: 14-45mm /3.5-5.6 en 45-200mm /4-5.6 (omgerekend een normale 28-90 en een tele 90-400mm).
Testen hebben uitgewezen dat de beeldkwaliteit van het systeen zeer goed is (weinig ruis en goed gedefinieerde beelden) omdat de sensor relatief groot is. Dit is een belangrijk technisch voordeel (grotere sensoren ruisen intrinsiek minder), maar commercieel niet gemakkelijk te hanteren, want met je boodschap moet je namelijk opboksen tegen nagenoeg alle merken en systemen, die allemaal "perfekte beelden" beloven.
Update juli 2009: |

Olympus gaat dus opnieuw de kant op van de kleinere toestellen. Het is echter onzeker of Olympus (die sterk geïnvesteerd heeft in de klassieke Four Thirds) volledig de overstap zal maken. Waarschijnlijk zal Panasonic (dat op dit ogenblik eigenlijk geen Four Thirds-toestellen heeft) de overstap sneller maken. Met het Micro Four Thirds systeem richt men zich tot het amateur-publiek: de echte beroepsfotografen zullen de betere beeldkwaliteit, snelle scherpstelling en optische zoeker van een echte reflex niet willen missen.