Woordenlijst

Woordenlijst fotografie


Shadows, schaduwen
Donkere delen van een afbeelding, zie ook hooglichten en midtones.

Shooting days
Zie shooting days (modellensite).

Shutter lag
Zie sluitervertraging.

Silica gel
Korrels die gebruikt worden om vocht op te nemen. In vergelijking met korrels voor huishoudelijk gebruik kunnen deze korrels maar een kleine hoeveelheid vocht opnemen, maar ze hebben als voordeel dat ze niet vloeibaar worden als ze gesatureerd zijn. De korrels kunnen gedroogd worden in een hete lucht oven en opnieuw gebruikt worden. Meer informatie over •» silica gel op deze externe site.

Single Lens Direct (SLD)
Groepsbenaming van toestellen met verwisselbare lens, maar zonder reflex. Een andere benaming is de EVIL (Electronic Viewfinder Interchangeable Lens). Verschillende fabrikanten produceren SLD-toestellen, zoals de Sony NEX en Samsung, maar de bekendste groep is de Micro-Four Thirds. Deze toestellen zijn vergelijkbaar met de bridge toestellen (de betere compact fototoestellen), maar gebruiken een relatief grote sensor en geven dus een beter beeld met meer creatieve mogelijkheden (betere controle over de scherptediepte dankzij de grotere sensor en mogelijkheid om van lens te wisselen). Meer info over •» SLD fototoestellen.

Single Lens Translucent (SLT)
Deze toestellen zijn vergelijkbaar met een klassieke reflex met verwisselbare lenzen, maar hebben een vaste half-doorlatende spiegel (pellixspiegel). SLT fototoestellen staan dichter bij de reflex dan de SLD. Het grootste deel van het licht wordt naar de beeldsensor gestuurd, waardoor er live view mogelijk is. Een klein deel van het licht wordt gereflekteerd naar de fase-detectie autofocus sensoren (stigmometer). Deze werken veel sneller dan de contrastdetectie autofocus systemen zoals bij een SLD of compact. Aangezien de fase detectie autofocus constant in werking is, kan het gebruikt worden bij het filmen (wat niet mogelijk is bij klassieke spiegelreflexen). Deze fototoestellen zijn niet uitgerust met een optische zoeker want het beeld is te donker (maar voldoende helder voor electronische autofocus). Een minpunt is dat de fase detectie autofocus enkel goed werkt met grote openingen: filmen moet dus met volledig open diafragma gebeuren. Deze SLT (Single lens Translucent) technologie is nog volop aan het evolueren en verbeteren. Somy gebruikte als eerste deze technologie met de a55 en a 33(september 2010).

Deze technologie heeft ook minpunten: omdat de beeldsensor constant aktief is gaan de batterijen minder lang mee (éénderde van het aantal foto's in vergelijking met een klassieke reflex). De processoren hebben nog niet voldoende rekenkracht om bij snelle beelden achter elkaar zowel de foto op te slaan en terzelfdertijd een vloeiende weergave te tonen in de zoeker en de buffercapaciteit is nog te beperkt in vergelijking met de mogelijkheden van het toestel. Meer info over •» SLT fototoestellen.

Skylight-filter
Een •» skylight-filter is een licht-roze filter dat gebruikt wordt om de blauwzweem van foto's te onderdrukken (foto's in de schaduw of bij betrokken hemel). In plaats van een dergelijke filter te gebruiken, kan je evengoed flitsen om het licht opnieuw in evenwicht te brengen (ideaal bij portretfotografie) of het fototoestel instellen op de juiste kleurtemperatuur (schakel de automatische kleurbalans uit en gebruik 7500K (betrokken hemel) als kleurtemperatuur).

Sluiter
Zie sluiter: sluitertijd, sluitervertraging, enz.

Snapshot
Zie snapshot (modellensite).

Softbox
Een softbox is de meest gebruikte belichtingsaccessoire. Een softbox kan je op de externe flitser of op speciale studiolampen (modeleerlampen) plaatsen. Het produceert een difuus licht (weinig of geen schaduwen) dat ideaal is om vrouwelijke modellen te belichten.

Softfocus (“flou artistique”)
Dit is een effekt dat bekomen worden door bijvoorbeeld gelatine op een voorzetglas te strijken, door een strakke nylonkous over de lens te schuiven,… De Canon EF 135mm ƒ/2.8 with Softfocus heeft een ingebouwde softfocus control. Bij deze lens wordt de softfocus verwezenlijkt door de mate van sferische aberratie te wijzigen. Vooral de heldere delen van het beeld worden wazig, terwijl toch een idee van scherpte behouden blijft. Dit effekt wordt gebruikt bij glamour-fotografie of om een idee van (dag)dromen weer te geven. Meer info over •» softfocus.

Nikon heeft een gelijkaardig systeem (Defocus Control) waarbij het uitzicht van de onscherpe delen van het beeld beinvloed kan worden.

Solarisatie
Effekt waarbij de helderheidsniveaus van een foto beperkt worden. Dit kan bewust gedaan worden om speciale effekten te bekomen, maar het kan ook ongewenst optreden, bijvoorbeeld als een foto opgeslagen wordt in het GIF formaat (dat slechts 256 tinten ondersteunt). Een defekte AD converter kan ook solarisatie tot gevolg hebben omdat het opgenomen beeld slechts met een beperkt aantal bits opgeslagen wordt.

Spectrum
zie kleurspectrum

Spiegellens
Een spiegellens is een optiek voor reflextoestellen waarbij het beeld hoofdzakelijk gevormd wordt door spiegels. Klassieke meniscus-lenzen kunnen eveneens gebruikt worden. Meer informatie over •» spiegel- of catadioptrische lenzen is hier te vinden.

Spiegelreflex SLR (Single Lens Reflex)
De spiegelreflex is een speciale fototoestel met verwisselbare lenzen. Er wordt geen gebruik gemaakt van een live LCD scherm, maar het beeld wordt via een oculair bekeken zodat je precies ziet hoe de uiteindelijke foto er uit zal zien. Een reflex is minder handig in het gebruik, maar je hebt wel meer mogelijkheden. Vanwege de complexe construktie kost een reflex minstens het dubbele van een compact-toestel.

Spotmeting
Lichtmeting waarbij enkel het centrale deel van het beeld gebruikt wordt (ongeveer 5%). Bij deze lichtmeting gebruikt het fototoestel geen helderheidsinformatie uit andere plaatsen van het beeld: dit kan resulteren in onder- of overbelichte beelden als het centrum van het beeld helder of donker is. De spotmeting kan bijvoorbeeld gebruikt worden bij tegenlicht om een correcte meting uit te voeren op het gezicht (dat in de schaduw zit).

Stabilisator, beeld
De •» beeldstabilisator verminderd bewegingsonscherpte door de ongewente beweging (trilling) van de camera intern te compenseren gedurende de tijd dat de foto genomen wordt. In de praktijk zijn er twee systemen in gebruik:
  • Een extra lens die verplaatst wordt om de beweging tegen te werken zodat de lichtstralen op dezelfde plaats vallen op de sensor gedurende de volledige belichtingstijd.
  • De sensor zelf wordt verplaatst zodat de lichtstralen op dezelfde positie op de sensor terechtkomen (sensor shift).
De camerabeweging wordt gemeten door minuscule gyroscopen. Het effekt van een beeldstabilisator is merkbaar, maar er zijn situaties waarbij de stabilisator niet kan helpen: bijvoorbeeld als het onderwerp zelf aan het bewegen is. Bij sportfotografie (maar ook als er een statief gebruikt wordt) moet de stabilisator uitgeschakeld worden.

Stigmometer
Systeem voor scherpstellen bij reflextoestellen door middel van driehoeksmeting door de lens (wordt soms oof fase detektie genoemd). Er kan automatisch bepaald worden hoe ver het onderwerp staat, wat niet mogelijk is met het systeem van contrast detectie zoals gebruikt bij compact toestellen. Reflextoestellen zijn uitgerust met meerdere focussensoren, waarbij de sensor in het midden van het beeld de hoogste nauwkeurigheid haalt. In standaard-modus (dus als je niets aan het toestel veranderd hebt) zal de camera scherpstellen op het onderwerp dat het dichtsbij staat, voor zover het licht van het onderwerp op een focussensorplaats terechtkomt. Onderwerpen die niet op een focusplaats staan worden niet "gezien". De focussensor dat gebruikt werd bij het bepalen van de afstand licht kortstondig op als je de sluiter half indrukt en de scherpstelling uitgevoerd wordt. Beroepsfotografen stellen hun toestel in om enkel de middenste sensor te gebruiken. Dit is niet alleen de focussensor met de hoogste nauwkeurigheid, maar daardoor vermijd je ook dat het toestel op de verkeerde punt scherpstelt. Zie •» scherpstelling en spiegelreflex.

Stop
Maat van onderbelichting of overbelichting, wordt door beroepsfotografen meestal gebruikt in een zin "deze foto moet één stop onderbelicht worden, en het model zich maar afvragen wat de fotograaf daarmee bedoelt. Met één stop onderbelichten krijgt de sensor maar half zoveel licht als nodig zou zijn om een correcte belichting te bekomen. De absolute waarde van belichting wordt uitgedrukt in Exposure Value.

De benaming is historisch: de eerste fototoestellen hadden lenzen waarbij de diafragmawaarde ingesteld werd door een doorboorde metalen plaat in het lensblok te schuiven. Men veranderde de opening door een andere "gat" (of stop in het engels) te selecteren.

Stop down metering
Bij oudere lenzen (of sommige technische lenzen zoals Perspective Control-lenzen (zie •» technische camera's)) is de opening niet instelbaar vanaf de body. De electronika kan dus de opening niet sturen. Om een lichtmeting uit te voeren moet het fototoestel in manuele modus gezet worden en de opening moet manueel op de lens geregeld worden (waarbij de zoeker ook donkerder wordt). PC-lenzen hebben altijd een manuele focus omdat het automatisch scherpstelsysteem (stigmometer) in de war wordt gestuurd als de lenzen gekanteld worden ten opzichte van de body. Meer info: •» stop down metering.

Ook als een goedkope extension tube gebruikt wordt (bij macro-fotografie) is er geen sturing meer van de opening. Maar hier komt nog bij dat de lens niet gemaakt werd voor manuele bediening en dus vaak geen instelring meer heeft voor het regelen van de opening.

Studio fotostudio
Zie studio (modellensite).

Strijklicht
Licht dat van de zijkant komt. Met dit soort licht worden de interessantste foto's bekomen bij portrets. Je moet er wel voor zorgen dat het deel in de schaduw voldoende licht krijgt (gebruik een reflector). Beide ogen moeten altijd zichtbaar zijn, van de rest van het model is een silhouet voldoende. Zie ook tegenlicht en meelicht.

Stuck pixel
Pixel dat niet meer reageert (interne verbinding onderbroken). Meer informatie via de link.

Sublimatieprinter
Sublimatie is de overgang van een vaste naar een gasvormige toestand. Terwijl de meeste printers met vloeibare inkt werken die in kleine druppels op het papier geprojecteerd worden, werkt de sublimatieprinter door een kleurfolie plaatselijk sterk te verhitten, waardoor de inkt op het papier geprojecteerd wordt. De sublimatieprinter is de enige printer dat geleidelijke overgangen kan produceren (door de temperatuur aan te passen). Een raster zoals bij alle andere printers is dus niet meer nodig. Sublimatieprinters gebruiken gekleurde folie (cyan, magenta, geel, soms ook zwart, soms ook een beschermde laag dat achteraf aangebracht wordt) en speciaal papier. Externe link: •» Sublimatieprinter.

Subtractief kleurenmodel
Bij dit model wordt het beeld donkerder als je kleuren bijvoegd. Dit is de wereld van de schilder (kunst of niet), maar ook van de drukker en de fotoprinter. De drie primaire kleuren zijn hier Cyan, Magenta en Geel. Omdat men geen mooi zwart kan bekomen met alleen deze drie kleuren, gebruikt men een vierde kleur: zwart. Het subtractief kleurmodel kan minder nuances weergeven dan het additief kleurmodel, en vooral het LAB model. Meer info over het •» subtractief kleurenmodel

Sweet spot
ƒ-waarde (opening) waarbij de lens de scherpste beelden geeft.
  1. Bij een grote opening (lage ƒ-waarde) is het beeld onscherp ten gevolge van abberaties (beeldfouten). Lenzen zijn altijd een compromis het het gevolg daarvan is dat het beeld nooit perfekt scherp kan zijn.
  2. Bij het dichtdraaien wordt het beeld scherper. Het beeld bereikt zijn maximale scherpte eerst in het midden van het beeld. Bij de beste kleinbeeldlenzen gebeurt dit bij ƒ/5.6. Dit is het begin van de sweet spot van de lens. Kitlenzen en superzooms halen hun maximale scherpte bij ƒ/11.
  3. Bij het verder dichtdraaien van de lens worden ook de hoeken scherper, maar de maximale beelscherpte begint te verminderen. Openingen gaan van ƒ/8 tot ƒ/16 (kwaliteitslens of kitlens). Dit is het einde van de sweet spot van de lens.
  4. Bij kleine openingen wordt de beeldscherpte uitsluitend beperkt door diffractie. Het beeld van een kitlens of een de duurste lens is nagenoeg identiek bij dergelijke kleine openingen.

Symmetrische lens
Optiek bestaande uit eenzelfde lensconstructie vòòr en na het diafragma. De meest bekende types zijn Triplet, Tessar (gebruikt in videocamera's) en dubbele Gauss (gebruikt in prime lenzen). Met een symmetrische lensconstructie kunnen de aberraties beperkt worden.

Systeemcamera's
Digitale fototoestellen met verwisselbare lenzen. Deze benaming wordt minder gebruikt bij reflextoestellen. De meest bekende systemen zijn de SLT (Single Lens Translucent) van fabrikant Sony en EVIL (Electronic Viewfinder Interchangeable Lens) van verschillende fabrikanten (Sony NEX, Samsung NX, Nikon 1, enz).