Woordenlijst

Woordenlijst fotografie


Tear sheet
Zie tear sheet (modellensite).

Tegenhouden
Benaming afkomstig uit de donkere kamer (afdrukken op papier maken van negatieven). Bij 'tegenhouden' wordt er bedoeld dat gedurende de belichting van het fotopapier een deel van het vel minder licht krijgt. Daarvoor gebruikt men een masker, ongeveer half zo groot als het deel dat minder licht moet krijgen en dat halverwege tussen het vel papier en de projector gehouden wordt. Als de belichting 30 seconden duurt, dan wordt het masker bijvoorbeeld 10 seconden op de gewenste plaats gehouden. Omdat het papier negatief werkt, betekent tegenhouden dat de afdruk op die plaats lichter zal zijn. Het tegengestelde van tegenhouden is doordrukken (Doordrukken = Donker).

Beide benamingen zijn overgenomen door grafische programma's die de behandeling in de doka (donkere kamer) nabootsen. Bij tegenhouden wordt het geselecteerd deel van het beeld helderder. De icoontjes die in Photoshop gebruikt worden zijn waarheidsgetrouw: een masker dat voor het beeld gehouden wordt bij het tegenhouden (dodge), en een hand dat meer licht doorlaat op bepaalde plaatsen bij het doordrukken (burn)

Telecentrische lenzen
Bij telecentrische lenzen zijn de uittredende lichtstralen evenwijdig. Dit heeft als voordeel dat de lichtstralen de sensor perfekt loodrecht raken en minder stoorpatronen veroorzaken (de bekende paars/groene franjes in de hoeken bij beelden met een hoog contrast). Bij telecentrische lenzen kunnen de inkomende lichtstralen evenwijdig zijn (gebruikt camera's voor procesbesturing), of de uittredende lichtstralen evenwijdig zijn. •» Olympus gebruikt lenzen met telecentrische eigenschappen in zijn Four Thirds systeem. Het zijn geen echte telecentrische lenzen (de constructie zou te complex zijn), maar een extra set lenzen zorgt ervoor dat de lichtstralen de sensor meer evenwijdig raken.

Telelens
Een telelens heeft een openingshoek van minder dan 45°. Daardoor kan het veraf gelegen objecten dichterbij brengen.

Telephoto
Speciale voorzetlens waarbij men een klassieke (korte) lensconstructie kan blijven gebruiken, zelfs voor lange brandpuntsafstanden. Bij een telelens van 200 mm zou de objectief anders een halve meter lang zijn. Meer info: •» retrofocus en telephoto lenzen.

Tegenlicht, tegenlichtcompensatie
Als je foto's neemt in tegenlicht (de zon zit achter het onderwerp), dan zit het gezicht van het model in de schaduw. Eigenlijk zie je enkel nog de omtrek (silhouet). Om dit effekt te verminderen kan er gewerkt worden met tegenlichtcompensatie: het beeld wordt meer belicht dan normaal nodig zou zijn (belichtingscompensatie +1EV). De achtergrond is dat wel overbelicht, maar details van het gezicht zijn beter zichtbaar. Een beter alternatief is bijvoorbeeld een flitser te gebruiken.

Tegenlichtcompensatie kan ook gebruikt worden als de omgeving erg helder is: aan het strand of in de sneeuw. Sommige toestellen detecteren dat er tegenlichtcompensatie nodig is en passen zich automatisch aan, maar als je de spot-lichtmeting gebruikt kan je exact bepalen dat de lichtmeting op het gezicht moet gebeuren, zonder rekening te houden met het algemeen beeld.

Om te fotograferen bij tegenlicht gebruik je liefst een telelens, daardoor kan je de flares verminderen. Zorg ervoor dat de zon nooit zichtbaar is in de zoeker.

Het tegengestelde van tegenlicht is meelicht. Zie ook strijklicht.
Bij studioshootings wordt tegenlicht toegepast, maar dit moet altijd samengaan met een algemene objectverlichting.

Tethered modus
Letterlijk: “aan de leiband”. Fotografie waarbij het fototoestel verbonden is met een computer, waardoor vaak extra mogelijkheden beschikbaar zijn: directe overdracht van de beelden, live preview op de computer, bediening vanaf de computer. De battery grip van het fototoestel is soms uitgerust met een draadloos netwerk aansluiting zodat een kabel niet meer nodig is. Tethered mode kan zeer nuttig zijn in de studio. Men kan tethered mode niet vergelijken met een klassieke usb verbinding voor de overdracht van foto's!

TFP, TFCD: Time For Print, Time For CD
Zie TFCD (modellensite).

Thumbnail
Verkleinde weergave van een foto (in het mooi nederlands: voorvertoning of miniatuur). Het JPG biedt de mogelijkheid om een verkleinde foto op te slaan samen met het origineel beeld. Daardoor kan er sneller een beeld zichtbaar gemaakt worden in de zoeker bij weergave, maar ook Windows maakt gebruik van de ingebouwde miniatuur om foto-icoontjes te tonen.

TIFF (Tagged Image File Format)
Grafisch formaat dat vaak in de beeldverwerkende industrie gebruikt wordt omdat de foto's opgeslagen worden zonder kwaliteitsverlies (wat het JPG formaat wel veroorzaakt). Bij TIFF kunnen de bestanden ook gecomprimeerd worden (zie compressie), maar zonder enig informatieverlies. Bij decompressie bekom je precies hetzelfde beeld. De specificaties van TIFF zijn zeer uitgebreid en maken het mogelijk alle sorrten afbeeldingen op te slaan. Een faxdocument wordt verzonden in een speciale TIFF versie.

Tilt & Shift
Speciale lensconstructie waarbij de lenseenheid kantelbaar is ten opzichte van de mount. Zie Perspective control.

Toning
Toning is het kleuren van zwart-wit afdrukken. De bedoeling is het vervangen van het metallisch zilver door een andere verbinding, bijvoorbeeld zilver sulfide. Bij zilver sulfide is het bekomen beeld geelachting (zie ook sepia). Gebruikt men selenium, dan heeft het beeld een rode kleur.

Naast de kleurwijziging (het warmer maken van de afdruk) heeft het tonen ook een invloed op de stabiliteit. Sepia maakt de afdruk meer stabiel. Daarom is men de gele kleur gaan associeren met oude foto’s: foto's waarbij andere kleuren gebruikt werden zijn al lang vervaagd. Ijzer en kopertoning verminderen de levensduur van de afdruk: daarom ziet men ook weinig blauw of rood gekleurde foto’s.

Tegenwoordig kan men het effekt van de toning ook nabootsen in GIMP en Photoshop waarbij men vrij is de kleur te kiezen.

Bij het printen heeft de klassieke sepia kleur (geel) als voordeel dat de gele inktpigmenten weinig zichtbaar zijn. De zwarte inkt wordt eveneens door de gele inkt verdund, waardoor de inktpunten die bij het drukken ontstaan minder zichtbaar zijn. Hier heeft men het over duo tone.

Tristimulus
RGB-waarde van een pixel. RGB (rood, groen en blauw) zijn de primaire kleuren van digitale fototoestellen en alle tinten en helderheden worden naar een RGB-triplet omgerekend. De drie gebruikte kleuren komen ook het meest overeen met de gevoeligheid van onze ogen die uit soorten kegeltjes bestaan waarvan de gevoeligheid ongeveer overeenkomt met deze drie kleuren.

De benaming tristimulus wordt specifiek gebruikt voor sensoren die de drie primaire kleuren direct detecteren zoals de •» Foveon en 3-ccd sensor) in vergelijking met de klassieke CFA-sensoren (waarvan de bayer-mozaiek de meest bekende is) die de ontbrekende kleuren moeten interpoleren.

TTL
Lichtmeting "door de lens". Vroeger werden fototoestellen uitgerust met een fotocel om de lichtsterkte te meten. Van zodra fototoestellen uitgerust werden met zoomlenzen (of verwisselbare lenzen) werd deze methode minder en minder toegepast omdat die niet nauwkeurig genoeg was. Digitale toestellen moeten altijd met een TTL-meting werken wegens de beperkte belichtingslatitude van een sensor ten opzichte van film.
  • Bij digitale fototoestellen (niet reflex) voert de beeldsensor de lichtmeting uit. Ook bij het flitsen wordt de beeldsensor gebruikt voor de lichtmeting door middel van een voorflits. Omdat de beeldsensor redelijk traag is (beeldwerwerking) kan je de twee lichtpulsen goed onderscheiden.
  • Reflex fototoestellen hebben een matrix die in het oculair ingebouwd is en het licht dat door de lens gaat meet. Deze lichtmeting si volledig onafhankelijk van de beeldsensor (die op het ogenblik van de lichtmeting zelfs niet aktief is). Bij het flitsen is er een verschil tussen film- en digitale reflextoestellen:
    • Film reflextoestellen meten het licht dat door de gevoelige film weerkaatst wordt en schakelen de flitser uit bij het bereiken van de correcte belichting. Dit is de klassieke TTL lichtmeting. Hier ziet u de opbouw van een •» filmreflex met de twee belectingssensoren.
    • Digitale filmtoestellen sturen een meetflits uit (die door de meetsensor opgevangen wordt), doen de spiegel opklappen (de beeldsensor wordt nu aktief) en flitsen opnieuw voor de foto. Deze meting met voorafgaande meetflits wordt vaak e-TTL genoemd (Evaluative TTL).
Het gebruik van een flitser (en de instellingen op het fototoestel worden uitgelegd op de pagina •» flitsers.

Tussenring
Zie extension tubes.

TV-aansluiting
Digitale fototoestellen hebben een video-out uitgang om de gemaakte beelden te kunnen tonen op een televisie. Omdat de resolutie van het videosignaal zeer beperkt is (640×480 pixels) bevat het televisiebeeld geen details. De betere digitale fototoestellen zijn daarom uitgerust met een HDMI-aansluiting, waardoor HD (high Definition) beelden vertoond kunnen worden, voor zover de televisie HD compatibel is.

TWAIN
Software protocol (open source) om scanners en computers te laten communiceren. De eerste scanners gebruikten allemaal een eigen protocol, maar dit is gelukkig gestandardiseerd. De benaming komt officieel uit een gedicht van Rudyard Kipling: "The Ballad of East and West" "...and never the twain shall meet..." (vertaald: en nooit zullen Oost en West elkaar ontmoeten), om aan te geven hoe moeilijk de communicatie tussen beide apparaten (scanners en computers) in het begin was. TWAIN is dus nooit een acronym geweest, maar een nerd heeft er Technology Without Any Interesting Name van gemaakt. Een klein aantal digitale fototoestellen van de eerste generatie gebruikten dit protocol om beelden over te zetten van de camera naar de computer, nadien is men de Mass Storage Device interface gaan gebruiken, dat een standaard is bij USB.

t-waarde
De t-waarde (transmissie-waarde) geeft het effektief rendement van een lens weer. De t-waarde is altijd lager dan de ƒ-waarde (dat een geometrische waarde is: brandpuntafstand gedeeld door diameter), aangezien iedere lensovergang een klein lichtverlies betekent. Bij fotografie heeft men genoeg aan de ƒ-waarde. Bij cinematografie gebruikt men de effektieve lichtsterkte van de lens om geen helderheidsverschillen te hebben bij het wisselen van de lens. De t-waarde wordt individueel op iedere lens gegraveerd, naast de ƒ-waarde. Meer informatie over de •» transmissie-faktor van optische systemen kan u hier vinden.